Aan de slag
Inventariseren Onderzoeken
Voorbereiden Uitvoeren
Voorbereiden Uitvoeren
Praktijkvoorbeelden

PARAPLU

Leren vanuit de praktijk

Het PARAPLU project: PARamedici als Actieve Partners in Lokale eerstelijns netwerken ouderenzorg

Veel voorkomende problemen bij ouderen, zoals ondervoeding en vallen, leiden tot versnelde functionele achteruitgang en verhoogde kans op opname in een ziekenhuis of verpleeghuis. Beschikbare expertise van paramedici zoals fysiotherapeuten, ergotherapeuten en diëtisten wordt regelmatig niet benut, wanneer thuiswonende ouderen risico’s lopen op vallen en ondervoeding.

Zie hier voor meer informatie over PARAPLU

.

Lokale, bestaande netwerken ouderenzorg worden ondersteund bij het doorlopen van 2 verbetercycli van elk 6 maanden op het gebied van ondervoeding of vallen. Er is gestart met een gezamenlijke scholing over het onderwerp, daarna zijn knelpunten in de huidige zorg opgehaald en is besloten aan welk knelpunt(en) men de komende periode gezamenlijk gaat werken. Hierover worden werkafspraken gemaakt, geïmplementeerd en geëvalueerd.
Dit project is een samenwerking tussen Radboudumc, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, Netwerk100, TVN zorgt en IQ Healthcare.
Dit project is een samenwerking tussen Radboudumc, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, Netwerk100, TVN zorgt en IQ Healthcare.Verbeteren van de integrale zorg aan kwetsbare ouderen door structurele interprofessionele samenwerking tussen huisartsen, wijkverpleging en paramedische professionals te bevorderen binnen lokale netwerken.
Subsidie van ZonMw.
De routekaart is gebruikt in één van de deelnemende netwerken, zij werkten aan verbeterplannen met betrekking tot interprofessionele zorg bij ondervoeding. De routekaart is ingezet bij de start van de tweede verbetercyclus. Het doel op dat moment was om werkafspraken en een stroomdiagram te implementeren voor signaleren, opvolgen, screenen en verwijzen bij mogelijke ondervoeding door betrokken zorgprofessionals en medewerkers uit het sociaal domein.
Vraag die de kartrekker (paramedicus) uit deze regio had was hoe je ervoor kunt zorgen dat mensen de werkafspraken ook na gaan komen, dus niet alleen ontvangen op papier maar ook echt ermee aan de slag gaan in de praktijk (implementatie). Hoe kun je mensen hiertoe motiveren.
De doelen in dit netwerk sloten aan bij fase 2 van de routekaart. Het opstellen van een implementatieplan (stap 1, fase 2a), is hierbij de eerste stap.
De routekaart werd ervaren als inhoudelijk nuttig en veelomvattend maar tegelijkertijd ook overweldigend vanwege de hoeveelheid aan informatie en adviezen. Het leren kennen van en werken met de routekaart kost tijd.

Om de routekaart goed toe te kunnen passen, is het nodig dat bij eerstelijns samenwerkingsverbanden projectmedewerkersen/of projectleiders aangesteld worden die voldoende tijd en (financiele) middelen hebben om de stappen goed en planmatig te kunnen doorlopen.
Besluitvorming voortgang
Besluit op basis van de evaluatie over de voortgang:
  • Maak bij positieve resultaten een borgingsplan en overweeg opschaling naar meer regio’s.
  • Overweeg bij minder positieve resultaten aanpassing van het opschalingsplan en doorloop fase 3 opnieuw